Bronnen

Heidelbergse Catechismus

Catechismus · Zondag 7 van 52

Zondag 7

Het ware geloof

20

Worden dan alle menschen wederom door Christus zalig, gelijk zij door Adam zijn verdoemd geworden?

Neen zij, maar alleen degenen, die Hem door een waar geloof worden ingelijfd en alle zijne weldaden aannemen.

21

Wat is een waar geloof?

Een waar geloof is niet alleen een stellig weten of kennis, waardoor ik alles voor waarachtig houde, dat ons God in zijn Woord geopenbaard heeft, maar ook een vast vertrouwen, hetwelk de Heilige Geest door het Evangelie in mijn harte werkt, dat niet alleen anderen, maar ook mij vergeving der zonden, eeuwige gerechtigheid en zaligheid van God geschonken is, uit louter genade, alleen om der verdienste van Christus wille.

22

Wat is dan eenen Christen noodig te gelooven?

Al wat ons in het Evangelie beloofd wordt, hetwelk ons de Artikelen onzes algemeenen en ongetwijfelden Christelijken geloofs in eene hoofdsom leeren.

23

Hoe luiden die Artikelen?

1. Ik geloof in God den Vader, den Almachtige, Schepper des hemels en der aarde.

2. En in Jezus Christus, zijnen eeniggeborenen Zoon, onzen Heere; 3. die ontvangen is van den Heiligen Geest, geboren uit de maagd Maria; 4. die geleden heeft onder Pontius Pilatus, is gekruisigd, gestorven en begraven, nedergedaald ter helle; 5. ten derden dage wederom opgestaan van de dooden; 6. opgevaren ten hemel, zittende ter rechterhand Gods des almachtigen Vaders; 7. van waar Hij komen zal om te oordeelen de levenden en de dooden.

8. Ik geloof in den Heiligen Geest. 9. Ik geloof eene heilige, algemeene, Christelijke Kerk, de gemeenschap der heiligen; 10. vergeving der zonden; 11. wederopstanding des vleesches; 12. en een eeuwig leven.