Catechismus · Zondag 29 van 52
Zondag 29
Brood en wijn
Wordt dan uit brood en wijn het wezenlijk lichaam en bloed van Christus?
Neen; maar gelijk het water in den Doop niet in het bloed van Christus veranderd wordt, noch de afwassching der zonden zelve is (waarvan het alleen een Goddelijk waarteeken en verzekering is, alzoo wordt ook het brood in het Avondmaal niet het lichaam van Christus zelf, hoewel het naar den aard en de eigenschap der Sacramenten het lichaam van Christus Jezus genaamd wordt.
1Matth. 26:29
29En Ik zeg u, dat Ik van nu aan niet zal drinken van de vrucht des wijnstoks, tot op dien dag, wanneer Ik met u dezelve nieuw zal drinken in het Koninkrijk Mijns Vaders.
Mattheüs 26 lezen2Eph. 5:26
26Opdat Hij haar heiligen zou, haar gereinigd hebbende met het bad des waters door het Woord;
Efeziërs 5 lezen3Tit. 3:5
5Heeft Hij ons zalig gemaakt, niet uit de werken der rechtvaardigheid, die wij gedaan hadden, maar naar Zijn barmhartigheid, door het bad der wedergeboorte en vernieuwing des Heiligen Geestes;
Titus 3 lezen41 Cor. 10:16
16De drinkbeker der dankzegging, dien wij dankzeggende zegenen, is die niet een gemeenschap des bloeds van Christus? Het brood, dat wij breken, is dat niet een gemeenschap des lichaams van Christus?
1 Corinthiërs 10 lezen51 Corinthiërs 11:26
26Want zo dikwijls als gij dit brood zult eten, en dezen drinkbeker zult drinken, zo verkondigt den dood des Heeren, totdat Hij komt.
1 Corinthiërs 11 lezen6Gen. 17:10, 11
10Dit is Mijn verbond, dat gijlieden houden zult tussen Mij en tussen u, en tussen uw zaad na u: dat al wat mannelijk is, u besneden worde. 11En gij zult het vlees uwer voorhuid besnijden; en dat zal tot een teken zijn van het verbond tussen Mij en tussen u.
Genesis 17 lezen7Ex. 12:11, 13
11Aldus nu zult gij het eten: uw lenden zullen opgeschort zijn, uw schoenen aan uw voeten, en uw staf in uw hand; en gij zult het met haast eten; het is des HEEREN pascha. 13En dat bloed zal ulieden tot een teken zijn aan de huizen, waarin gij zijt; wanneer Ik het bloed zie, zal Ik ulieden voorbij gaan; en er zal geen plaag onder ulieden ten verderve zijn, wanneer Ik Egypteland slaan zal.
Exodus 12 lezen8Exodus 13:9
9En het zal u zijn tot een teken op uw hand, en tot een gedachtenis tussen uw ogen, opdat de wet des HEEREN in uw mond zij, omdat u de HEERE door een sterke hand uit Egypte uitgevoerd heeft.
Exodus 13 lezen91 Petr. 3:21
21Waarvan het tegenbeeld, de doop, ons nu ook behoudt, niet die een aflegging is der vuiligheid des lichaams, maar die een vraag is van een goed geweten tot God, door de opstanding van Jezus Christus;
1 Petrus 3 lezen101 Cor. 10:3, 4
3En allen dezelfde geestelijke spijs gegeten hebben; 4En allen denzelfden geestelijken drank gedronken hebben; want zij dronken uit de geestelijke steenrots, die volgde; en de steenrots was Christus.
1 Corinthiërs 10 lezenWaarom noemt dan Christus het brood zijn lichaam en den drinkbeker zijn bloed, of het nieuwe Testament in zijn bloed, en Paulus de gemeenschap des lichaams en bloeds van Christus?
Christus spreekt alzoo niet zonder groote oorzaak; namelijk, niet alleen om ons daarmede te leeren, dat, gelijk als brood en wijn dit tijdelijk leven onderhouden, alzoo ook zijn gekruisigd lichaam en zijn vergoten bloed de waarachtige spijs en drank zijn, waardoor onze zielen ten eeuwigen leven gevoed worden; maar veelmeer om ons door deze zichtbare teekenen en panden te verzekeren, dat wij zoo waarachtiglijk zijns waren lichaams en bloeds door de werking des Heiligen Geestes deelachtig worden, als wij deze heilige waarteekenen met den lichamelijken mond tot zijne gedachtenis ontvangen, en dat al zijn lijden en gehoorzaamheid zoo zekerlijk onze eigene is, als hadden wijzelven in onzen eigenen persoon alles geleden en Gode voor onze zonden genoeg gedaan.
21 Cor. 10:16
16De drinkbeker der dankzegging, dien wij dankzeggende zegenen, is die niet een gemeenschap des bloeds van Christus? Het brood, dat wij breken, is dat niet een gemeenschap des lichaams van Christus?
1 Corinthiërs 10 lezen