Bronnen

Voorbeeld der Goddelijke Waarheden

Hellenbroek · Hoofdstuk 13 van 20

Hoofdstuk 13

Van de Kerk

1

Vergadert Christus door de roeping ook eene kerk?

Ja.

2

Waar is de kerk?

Hier op aarde en in den hemel.

3

Hoe wordt de kerk op aarde genoemd?

De strijdende kerk, omdat zij hier gedurig te strijden heeft.

4

Met wie?

Met de wereld, den duivel en ons vleesch.

5

Hoe wordt de kerk in den hemel genoemd?

De triomfeerende kerk, omdat zij daar alles overwonnen heeft.

6

Zijn dat dan twee onderscheidene kerken?

Neen; het zijn maar twee onderscheidene gedeelten van ééne en dezelfde kerk.

7

Is er meer dan ééne kerk?

Neen. Hoogl. 6 : 9. Eéne eenige is mijn duive, mijne volmaakte. De kerk van alle tijden, en overal, is eene en dezelfde kerk. Vergelijk Joh. 10 : 16.

8

Is er altijd eene kerk?

Ja. Matth. 16 : 18. De poorten der hel zullen dezelve niet overweldigen.

9

Is zij altijd even zichtbaar?

Neen; zij kan uiterlijk onder de vervolgingen wel onzichtbaar zijn.

10

Is zij er dan evenwel?

Ja; gelijk in de tijden van Elia, toen hij meende, dat hij alleen was overgebleven, en nochtans waren er wel zeven duizend, die hunne knieën voor den Baal niet gebogen hadden.

11

Wie is het hoofd van de kerk?

Jezus Christus. Eph. 5 : 23. Christus is het Hoofd der gemeente.

12

Is dat de paus van Rome niet?

Neen; die is de antichrist.

13

Waarom?

Omdat alles in hem vervuld is, wat van den antichrist voorzegd is.

14

Wat zijn de kenteekenen van de ware kerk?

De zuivere prediking van Gods woord en de rechte bediening der sacramenten.

15

Is de oudheid niet een kenteeken van de kerk?

Neen; want des satans rijk is ook oud.

16

Is veelheid van menschen niet een kenteeken?

Neen; Christus' kerk is een klein kuddeke.

17

Is voorspoed naar de wereld niet een kenteeken?

Neen. Joh. 16 : 33. In de wereld zult gij verdrukking hebben.

18

Waarin bestaat de macht van de kerk?

In het gebruik van de sleutelen des hemelrijks.

19

Hoevele zijn die?

Twee: de prediking des evangeliums en de Christelijke ban.

20

Is het genoeg een uiterlijk lid der kerk te zijn?

Neen; men moet onderzoeken of men een levend lid daarvan zij.