Oude Testament · boek 14 van 66
2 Kronieken
De tempel en de koningen van Juda, gelezen als les over omkeer.
- Genre
- Geschiedenis
- Omvang
- 36 hoofdstukken
- Kernverzen
- 2 Kronieken 7:14 · 2 Kronieken 16:9 · 2 Kronieken 20:12 · 2 Kronieken 36:23
Waar gaat 2 Kronieken over?
2 Kronieken gaat over de tempel van Salomo en de koningen van Juda, van de bouw van de tempel tot de verwoesting door Babel. Het boek laat steeds zien hoe God reageert op trouw, ontrouw en bekering, en eindigt met het bevel tot terugkeer.
2 Kronieken begint met Salomo en de bouw van de tempel, en volgt daarna uitsluitend de koningen van Juda - het noordrijk komt alleen in beeld waar het Juda raakt. Dat is geen slordigheid maar keuze: de lijn die telt voor de teruggekeerde ballingen loopt via Jeruzalem.
Het boek werkt met een duidelijk patroon van omkeer. Waar Koningen vaak alleen het oordeel meldt, laat Kronieken uitgebreid zien wat een koning deed die zich wél bekeerde. Asa, Josafat, Joas, Hizkia en Josia krijgen ruime hervormingsverslagen. Zelfs Manasse, in Koningen de slechtste koning die Juda gehad heeft, wordt hier in Babel verootmoedigd en hersteld.
De sleutelzin is 7:14: 'zo Mijn volk, over dewelke Mijn Naam genoemd wordt, zich verootmoedigt, en zij bidden...'. Het boek eindigt niet met de puinhopen maar met het bevel van Kores dat de terugkeer mogelijk maakt - midden in een zin, alsof het verhaal nog doorloopt.
Wie schreef 2 Kronieken?
De schrijver is dezelfde anonieme kroniekschrijver als van 1 Kronieken; beide vormden oorspronkelijk één boek. De joodse traditie noemt Ezra als schrijver, maar het boek zelf zegt dat niet.
De verdeling in twee boeken komt uit de Griekse vertaling, de Septuagint. De schrijver gebruikt Koningen als hoofdbron, maar noemt ook andere geschriften, zoals de profetie van Ahia de Siloniet (9:29) en het boek der koningen van Juda en Israël. Zijn eigen stem hoor je vooral in wat hij toevoegt: gebeden, toespraken van profeten en uitgebreide verslagen van hervormingen die in Koningen maar kort genoemd worden.
Wanneer is 2 Kronieken geschreven?
Net als 1 Kronieken is dit boek na de ballingschap geschreven, waarschijnlijk in de 5e of 4e eeuw v.Chr. Het eindigt met het bevel van Kores uit 538 v.Chr.
De teruggekeerde ballingen leefden rond een herbouwde maar bescheiden tempel en vroegen zich af of Gods beloften nog golden. 2 Kronieken laat hun zien hoe God door de eeuwen heen met Juda omging: wie Hem zocht, vond Hem, en wie Hem verliet, werd verlaten (15:2). Het boek eindigt niet bij de puinhopen, maar bij de oproep om op te trekken naar Jeruzalem. Die oproep gold ook de eerste lezers.
Opbouw van 2 Kronieken
2 Kronieken 1-9Salomo
Salomo vraagt in Gibeon om wijsheid en kennis, en krijgt er rijkdom en eer bij. Het grootste deel van het blok gaat over de tempel: materiaal en vakmensen uit Tyrus, de bouw op de berg Moria, de ark die binnengedragen wordt, en vuur uit de hemel bij de inwijding. God verschijnt Salomo in de nacht met de belofte van 7:14. Salomo's afval, uitgebreid verteld in Koningen, blijft hier buiten beeld.
2 Kronieken 10-20De eerste koningen
Na de scheuring volgt het boek alleen nog Juda. Rehabeam verootmoedigt zich als farao Sisak binnenvalt. Asa zoekt de HEERE en krijgt rust, maar vertrouwt op het einde op een bondgenoot en op artsen in plaats van op God. Josafat stuurt Levieten met het wetboek door het land, en wint een oorlog met zangers voorop in plaats van soldaten.
2 Kronieken 21-28Verval
Joram trouwt met een vrouw uit het huis van Achab, en na zijn dood roeit Athalia bijna het hele koningshuis uit. De priester Jojada redt de kleine Joas, maar na Jojada's dood laat Joas diens zoon Zacharia stenigen. Uzzia wordt machtig en daarna hoogmoedig, en wordt melaats als hij zelf in de tempel wil reukofferen. Achaz sluit ten slotte de deuren van het huis van God.
2 Kronieken 29-36Hizkia tot de ballingschap
Hizkia opent in de eerste maand van zijn regering de tempeldeuren en viert een groot Pascha, waarvoor hij ook de overgebleven noordelijke stammen uitnodigt. Manasse bekeert zich in gevangenschap. Josia laat het teruggevonden wetboek voorlezen en viert een Pascha zoals er sinds Samuël niet was geweest. Daarna volgt het einde: de tempel verbrand, het land zeventig jaar in rust, en het bevel van Kores.
Kernthema's in 2 Kronieken
Zoeken en gevonden worden
Het werkwoord zoeken loopt als een draad door het boek. Wie de HEERE zoekt, vindt Hem (15:2), en de ogen van de HEERE doorlopen de hele aarde om Zich sterk te bewijzen voor wie Hem met een volkomen hart toegedaan is (16:9). Koningen worden niet beoordeeld op hun macht, maar op waar hun hart naar uitging.
Bekering en herstel
Waar Koningen vaak alleen het oordeel noteert, vertelt Kronieken hoe God reageert op verootmoediging. Rehabeam (12:6-7), Hizkia (32:26) en zelfs Manasse (33:12-13) ervaren dat God Zich laat verbidden. Zo wordt de belofte van 7:14 in het hele boek uitgewerkt, koning na koning.
De tempel als ontmoetingsplaats
Van de inwijding (hoofdstuk 5-7) tot het Pascha van Hizkia (hoofdstuk 30) en van Josia (hoofdstuk 35): de tempel is de plaats waar God en Zijn volk elkaar ontmoeten. Daarom hangt het lot van Juda samen met de vraag of de tempeldeuren openstaan en de dienst zuiver is.
Bekende gedeelten uit 2 Kronieken
Salomo's inwijdingsgebed
2 Kronieken 6Knielend op een verhoging voor heel Israël bidt Salomo voor elke nood waarin het volk tot God zal roepen.
Als Gods volk zich verootmoedigt
2 Kronieken 7Gods antwoord in de nacht, met de bekende belofte dat Hij het land zal genezen (7:14).
Josafat tegenover de overmacht
2 Kronieken 20Een koning die bekent niet te weten wat hij moet doen, en een leger dat zingend de strijd in gaat.
Hizkia's Pascha
2 Kronieken 30Een uitnodiging aan heel Israël, ook aan de stammen van het verwoeste noorden, en een feest dat met zeven dagen verlengd wordt.
Manasse bekeert zich
2 Kronieken 33De slechtste koning van Juda wordt geboeid naar Babel gevoerd, bidt daar tot God en wordt verhoord.
Het bevel van Kores
2 Kronieken 36Een heidense koning roept Gods volk op om terug te gaan naar Jeruzalem en het huis van de HEERE te herbouwen.
2 Kronieken in het geheel van de Bijbel
2 Kronieken loopt parallel aan 1 en 2 Koningen, maar met een eigen boodschap. Het slot, het bevel van Kores, keert vrijwel woordelijk terug aan het begin van Ezra, zodat de geschiedenis daar verder kan. Profeten als Jesaja en Jeremia worden in het boek zelf genoemd (26:22; 32:20; 36:12, 21).
Jezus noemt het bloed van Zacharia als laatste in de rij van vermoorde rechtvaardigen, van Abel af (Lukas 11:51). Veel uitleggers zien daarin de Zacharia die in de voorhof van de tempel werd gestenigd (24:20-22), en een aanwijzing dat Kronieken toen al het slot van de Schrift vormde. De tempel waar het hele boek om draait, wijst vooruit naar Christus, in Wie God werkelijk onder de mensen kwam wonen (Johannes 1:14).
Studievragen bij 2 Kronieken
Wat zijn de vier werkwoorden in 7:14, en in welke volgorde staan ze?
Vergelijk het verslag over Manasse hier (33) met dat in 2 Koningen 21. Wat is toegevoegd?
Josafats gebed in 20:1-12 eindigt met 'onze ogen zijn op U'. Hoe bouwt hij zijn gebed op?
2 Kronieken lezen
Lees 2 Kronieken per koning en stel bij elke koning drie vragen: zocht hij de HEERE, hoe reageerde hij op een profeet, en hoe eindigde hij? Je zult zien dat veel koningen goed beginnen en slecht eindigen. Wie de vergelijking met Koningen wil maken, gebruikt een bijbel met parallelle verwijzingen; de hoofdstukken 29 tot en met 32 over Hizkia zijn daarvoor een goed begin.
De 36 hoofdstukken van 2 Kronieken
- 2 Kronieken 1
- 2 Kronieken 2
- 2 Kronieken 3
- 2 Kronieken 4
- 2 Kronieken 5
- 2 Kronieken 6
- 2 Kronieken 7
- 2 Kronieken 8
- 2 Kronieken 9
- 2 Kronieken 10
- 2 Kronieken 11
- 2 Kronieken 12
- 2 Kronieken 13
- 2 Kronieken 14
- 2 Kronieken 15
- 2 Kronieken 16
- 2 Kronieken 17
- 2 Kronieken 18
- 2 Kronieken 19
- 2 Kronieken 20
- 2 Kronieken 21
- 2 Kronieken 22
- 2 Kronieken 23
- 2 Kronieken 24
- 2 Kronieken 25
- 2 Kronieken 26
- 2 Kronieken 27
- 2 Kronieken 28
- 2 Kronieken 29
- 2 Kronieken 30
- 2 Kronieken 31
- 2 Kronieken 32
- 2 Kronieken 33
- 2 Kronieken 34
- 2 Kronieken 35
- 2 Kronieken 36