Oude Testament · boek 29 van 66

Joël

Een sprinkhanenplaag als voorbode van de dag des HEEREN - en de uitstorting van de Geest.

Schrijver
Joël, zoon van Pethuël.
Ontstaanstijd
Onzeker; voorstellen lopen van de 9e tot de 4e eeuw v.Chr.
Genre
Kleine profeten
Omvang
3 hoofdstukken

Waar gaat Joël over?

Joël begint met een ramp die iedereen kan zien: een sprinkhanenplaag heeft het land kaalgevreten. Vier soorten sprinkhanen worden genoemd, laag na laag, tot er niets meer over is. De priesters kunnen geen spijsoffer meer brengen omdat er geen graan is.

De profeet gebruikt die ramp als venster. Wat je nu ziet, zegt hij, is een voorproefje van de dag des HEEREN - een dag die niet vanzelf gunstig is, ook niet voor Israël. Zijn oproep is een nationale vastendag: 'scheurt uw hart en niet uw klederen'.

Het derde deel bevat de belofte die Petrus op de Pinksterdag aanhaalt: God zal Zijn Geest uitstorten op alle vlees, en zonen en dochters, oude en jonge mensen, dienstknechten en dienstmaagden zullen profeteren. Voor het Nieuwe Testament is dit hoofdstuk het antwoord op de vraag wat er in Handelingen 2 gebeurt.

Hoofdlijn van Joël

  1. 1De plaagSprinkhanen, misoogst en een oproep tot rouw.
  2. 2De dag des HEERENHet leger uit het noorden, en de oproep het hart te scheuren.
  3. 3Geest en oordeelDe uitstorting van de Geest en het oordeel in het dal van Josafat.

Kernverzen

  • Joël 2:13
  • Joël 2:25
  • Joël 2:28-29

Studievragen bij Joël

  1. Wat bedoelt Joël met 'scheurt uw hart en niet uw klederen'?

  2. Lees Handelingen 2:16-21 naast Joël 2:28-32. Wat neemt Petrus over, en wat laat hij staan?

  3. Wat betekent de belofte dat God de jaren vergoedt die de sprinkhaan heeft afgegeten?

Lees Joël online

In de Statenvertaling en drie andere Nederlandse vertalingen, met commentaar en grondtekst ernaast. Een gratis account is genoeg.

Joël 1 openen

Verder lezen