Oude Testament · boek 30 van 66

Amos

Er kan geen eredienst zijn waar recht ontbreekt.

Schrijver
Amos, veehouder en moerbeikweker uit Thekoa.
Ontstaanstijd
Midden 8e eeuw v.Chr.
Genre
Kleine profeten
Omvang
9 hoofdstukken

Waar gaat Amos over?

Amos is geen beroepsprofeet. Hij is veehouder in Juda en wordt weggehaald achter zijn kudde om in het welvarende noordrijk te spreken. Dat maakt hem daar meteen een buitenstaander, en de priester van Bethel stuurt hem prompt terug.

Zijn opening is retorisch briljant. Hij begint met oordeelsspraken over de buurvolken - Damascus, Gaza, Tyrus, Edom, Ammon, Moab - waar zijn gehoor het hartgrondig mee eens zal zijn geweest. Dan Juda. En dan, als iedereen knikt, Israël zelf, met de langste aanklacht van allemaal.

Wat hij aanklaagt is niet afgoderij maar onrecht: de armen worden voor een paar schoenen verkocht, de weegschalen zijn vervalst, en ondertussen draaien de feesten op volle toeren. Zijn beroemdste vers is de weigering van die eredienst: 'laat het oordeel zich daarhenen wenden als de wateren, en de gerechtigheid als een sterke beek'.

Hoofdlijn van Amos

  1. 1-2Oordeel over de volkenZeven buurvolken, en dan Juda en Israël.
  2. 3-6Drie aanklachtenTegen luxe, onrecht en valse zekerheid; de koeien van Basan en de dag des HEEREN.
  3. 7-9Vijf visioenenSprinkhanen, vuur, het paslood, de zomervruchten, en de belofte van herstel.

Kernverzen

  • Amos 3:7
  • Amos 5:14
  • Amos 5:24
  • Amos 8:11

Studievragen bij Amos

  1. Hoe is de opbouw van hoofdstuk 1-2 opgezet, en wat doet die opbouw met de hoorder?

  2. Wat wijst Amos precies af in 5:21-24 - de eredienst zelf of iets anders?

  3. Wat is volgens 8:11 de ergste honger die kan komen?

Lees Amos online

In de Statenvertaling en drie andere Nederlandse vertalingen, met commentaar en grondtekst ernaast. Een gratis account is genoeg.

Amos 1 openen

Verder lezen