Oude Testament · Geschiedenis
1 Samuël 27 - Statenvertaling
Hoofdstuk 27 van 31 in 1 Samuël · 12 verzen
1David nu zeide in zijn hart: Nu zal ik een der dagen door Sauls hand omkomen; mij is niet beter, dan dat ik haastelijk ontkome in het land der Filistijnen, opdat Saul van mij de hoop verlieze, om mij meer te zoeken in de ganse landpale van Israel; zo zal ik ontkomen uit zijn hand.
2Toen maakte zich David op, en hij ging door, hij en de zeshonderd mannen, die bij hem waren, tot Achis, den zoon van Maoch, den koning van Gath.
3En David bleef bij Achis te Gath, hij en zijn mannen, een iegelijk met zijn huis; David met zijn beide vrouwen, Ahinoam, en Jizreelietische, en Abigail, de huisvrouw van Nabal, de Karmelietische.
4Toen aan Saul geboodschapt werd, dat David gevlucht was naar Gath, zo voer hij niet meer voort hem te zoeken.
5En David zeide tot Achis: Indien ik nu genade in uw ogen gevonden heb, men geve mij een plaats in een van de steden des lands, dat ik daar wone; want waarom zou uw knecht in de koninklijke stad bij u wonen?
6Toen gaf Achis te dien dage Ziklag; daarom is Ziklag van de koningen van Juda geweest tot op dezen dag.
7Het getal nu der dagen, die David in het land der Filistijnen woonde, was een jaar en vier maanden.
8David nu toog op met zijn mannen, en zij overvielen de Gesurieten, en de Girzieten, en de Amalekieten (want deze zijn vanouds geweest de inwoners des lands), dat gij gaat naar Sur, en tot aan Egypteland.
9En David sloeg dat land, en liet noch man noch vrouw leven; ook nam hij de schapen en runderen, en de ezelen, en kemels, en klederen, en keerde weder en kwam tot Achis.
10Als Achis zeide: Waar zijt gijlieden heden ingevallen? zo zeide David: Tegen het zuiden van Juda, en tegen het zuiden der Jerahmeelieten, en tegen het zuiden der Kenieten.
11En David liet noch man noch vrouw leven, om te Gath te brengen, zeggende: Dat zij misschien van ons niet boodschappen, zeggende: Alzo heeft David gedaan! En alzo was zijn wijze al de dagen, die hij in der Filistijnen land gewoond heeft.
12En Achis geloofde David, zeggende: Hij heeft zich ten enenmaal stinkende gemaakt bij zijn volk, in Israel; daarom zal hij eeuwiglijk mij tot een knecht zijn.
Bijbeltekst: Statenvertaling, publiek domein.
Over 1 Samuël 27
- Bijbelboek
- 1 Samuël, boek 9 van 66
- Testament
- Oude Testament
- Genre
- Geschiedenis
- Plaats in het boek
- Hoofdstuk 27 van 31
Kruisverwijzingen bij 1 Samuël 27
Andere bijbelteksten die over hetzelfde spreken, de meest genoemde eerst.
- 1 Samuël 29:3bij vers 7
- Jesaja 40:27-31bij vers 1
- Jozua 13:2bij vers 8
- 1 Samuël 15:7-8bij vers 8
- 1 Samuël 15:3bij vers 9
- Richteren 1:16bij vers 10
- Jesaja 51:12bij vers 1
- 1 Samuël 21:10bij vers 2
- 1 Samuël 25:13bij vers 2
- 1 Samuël 25:42-43bij vers 3
- Nehemia 11:28bij vers 6
- Jozua 13:13bij vers 8
Kruisverwijzingen: OpenBible.info (CC BY), bewerkt: gefilterd en omgezet naar de versnummering van deze vertaling. Versnummering via STEPBible TVTMS (CC BY 4.0).